Komend jaar staat in het teken van de Olympische Spelen in Rio de Janeiro en dat betekent werk aan de winkel, zowel voor mij als voor Rio.

Na afloop van het wereldbekerseizoen zijn we naar Brazilië afgereisd voor het olympische testevent in Rio. Daar hebben we uiteindelijk geen echte wedstrijd gefietst omdat de baan niet goed genoeg was. Vóór Rio heb ik de laatste wereldbeker van het seizoen gereden in Rock Hill, Amerika, en dat ging erg goed. Mijn knieblessure is definitief verleden tijd. Net als begin september in Argentinië reed ik de finale en met brons pakte ik ook mijn eerste podiumplaats van het seizoen in de wereldbeker.

“Een mooie afsluiter van het wereldbekerseizoen.”

Afwachten en toeslaan
Na mijn finaleplaats in Argentinië was ik met veel vertrouwen naar Rock Hill afgereisd, maar het werd toch een moeilijke week omdat ik ziek dreigde te worden. Om de griepverschijnselen zoveel mogelijk tegen te houden, heb ik veel op bed gelegen en energie gespaard, zodat ik in het weekend in ieder geval kon fietsen. In de finale heb ik eigenlijk hetzelfde gedaan, afwachten en toeslaan. Ik was niet zo sterk op het eerste stuk omdat ik niet helemaal fit was. Door tactisch goed te rijden en gebruik te maken van de gaatjes die er waren, kon ik alsnog naar de derde plaats rijden. Een mooie afsluiter van het wereldbekerseizoen, nadat ik de eerste twee races vanwege mijn knieblessure had moeten missen.

Niet verslappen
Dankzij mijn finaleplaatsen op het WK afgelopen zomer in Zolder en op de wereldbekers van Argentinië en Rock Hill heb ik aan de eisen voldaan voor een olympische nominatie. De definitieve selectie voor Rio wordt echter pas na het WK van 2016 bekendgemaakt. Merle van Benthem heeft ook aan de eisen voldaan, dus we maken beiden kans. Op dit moment staan we als Nederland derde op de wereldranglijst. Daarom mogen we twee dames afvaardigen, maar als we een plaatsje zakken, dan mag er nog maar één naar de Spelen. We kunnen dus geen moment verslappen.

Gezamenlijke vuist
Als het lukt om me te kwalificeren voor Rio, kom ik in ieder geval beslagen ten ijs. Dankzij het testevent heb ik de omstandigheden leren kennen. Toen we voor het eerst op de baan kwamen, lag die er dramatisch bij. De baan was wel hard, maar het liep voor geen meter en er zaten gevaarlijke bulten in. Na de  trackwalk hebben we met alle rijders gezamenlijk besloten dat we niet zouden rijden. Dat is eigenlijk nog nooit eerder gebeurd en ik was er best trots op dat we gezamenlijk een vuist konden maken.

In het water gevallen
Na ons protest hebben we de organisatie een lijst met prioriteiten gegeven waaraan de baan moest voldoen en daarmee zijn ze op zaterdag keihard aan de slag gegaan. Toen we zondag opnieuw op de baan kwamen, was er veel aangepast en konden we erop trainen. Het was nog lang niet genoeg om een fatsoenlijke wedstrijd op te fietsen en zeker geen olympische race, maar we hebben getraind en later op de dag werd ook het testevent verreden. Dat was voor de organisatie natuurlijk wel belangrijk. Zelf had ik al besloten niet mee te rijden omdat ik na mijn onderdrukte griep van Rock Hill toch echt ziek was geworden. Uiteindelijk is de wedstrijd toch nog in het water gevallen, letterlijk, want in de middag begon het te regenen waardoor alles werd afgelast.

”Volgend jaar kan ik me volledig op de wedstrijd concentreren”

Afsluiter in Manchester
Ik ben blij dat ik Rio nu al heb verkend. Er moet nog veel aan de baan gebeuren, maar dat moest destijds in Londen ook en toen kwam het ook goed. Ik heb het Olympisch dorp nu al gezien en we hebben ook wat sightseeing gedaan, dan kan ik me volgend jaar in ieder geval volledig op de wedstrijd concentreren. Afgelopen week hebben we vanuit NOC*NSF voor het eerst een bijeenkomst gehad om sporters voor te bereiden, dus het komt echt steeds dichterbij. Maar voordat ik daar echt over ga nadenken, sluit ik volgende week eerst het seizoen af met een wedstrijd in Manchester. Hopelijk haal ik daar genoeg UCI-punten om in de top-acht van de wereld te blijven, want dan ben ik volgend jaar automatisch gekwalificeerd voor het WK.